Schrijf één scène en je weet of je personage werkt

Je kunt je hoofdpersoon tot in detail kennen en hem in je scène niets laten doen waaruit dat blijkt. Want of er echt iets staat waaruit blijkt wie hij is, zie je zelf het slechtst: jij leest de aarzeling die je bedoelde, ook als die er niet staat. Met deze oefening zie je of het in jouw scène gelukt is.

Dat een personage zich blootgeeft door zijn keuzes, weet je waarschijnlijk al. Geef hem iets om te willen, laat hem daarnaar handelen, en houd de verteller erbuiten. Dat advies vind je overal en het klopt, alleen zegt het niets over jouw scène. En dat is dus precies waar je vastloopt.

Voorbeeld: Je hebt bewust nergens met zoveel woorden geschreven dat je personage loyaal is, maar staat er dan iets in je tekst waaruit dat blijkt?

Je denkt van wel, maar wat jij bedoelt kan de lezer anders lezen, en je eigen tekst objectief beoordelen is niet te doen. Zeker niet als je de techniek nog aan het leren bent, want daarom oefen je.

In de oefening hieronder schrijf je één scène met één keuze, en zeg je nergens wat voor iemand je personage is. Daarna kijkt ViaScripta ter plekke of dat werkt.

Je vindt eerst de instructies. Daarna kun je de oefening zelf maken en direct feedback ontvangen.

Je plakt gewoon je tekst in de widget onderaan deze pagina. Je hebt daarvoor niet eens een account nodig.

Gevorderde oefening: De keuze waarbij je personage iets opgeeft

Schrijf een scène waarin één personage moet kiezen tussen twee dingen die hij allebei wil en waarvan hij er maar één kan krijgen. Laat de lezer aan het eind weten wat voor iemand hij is, zonder dat je ergens een eigenschap benoemt. Zorg dat hij bij zijn keuze iets opgeeft: geeft hij niets op, dan is het geen keuze maar een handeling. Begin midden in de situatie, niet met aanloop.

  • Omvang: 350 woorden
  • Duur: 1 uur

Leerdoel

  • Oefenen met karakterisering door handeling, waarbij de aard van het personage blijkt uit een keuze onder druk in plaats van uit beschrijving of vertellerscommentaar

Beoordelingscriteria

  • Dilemma: er staan twee dingen tegenover elkaar die het personage allebei echt wil, en hij kan er maar één krijgen
  • Verlies: het personage geeft bij zijn keuze iets op wat hij wilde, en dat is zichtbaar in de scène zelf
  • Tonen: wie hij is blijkt uit wat hij doet, nalaat of opmerkt, en wordt nergens als eigenschap benoemd
  • Zelfstandigheid: de scène leest als een compleet fragment, ook voor wie het verhaal eromheen niet kent

Schrijf zelf een scène volgens de opdracht. Driehonderdvijftig woorden, je personage maakt één keuze en je benoemt zijn eigenschappen niet.

Plak je uitwerking hieronder, dan zie je meteen hoe je scène scoort op de vier beoordelingscriteria. Je hoeft het niet meteen goed te doen, want niemand leest mee.

ViaScripta – Feedback op je oefening
Plak je uitwerking van de oefening. 0 karakters
Geen account nodig.

Je tekst wordt niet gebruikt om AI-modellen te trainen. Privacyverklaring

Meer oefenen? Bekijk het overzicht van alle schrijfoefeningen.